Waar we vorig jaar zijn geëindigd, beginnen we de vakantie nu, in Osaka dus. De vlucht vanaf Abu Dhabi verliep voorspoedig. Iets later vertrokken maar dat is bijna ingehaald op de route. Na alle plichtplegingen om Japan binnen te mogen en het ophalen van de WiFi dongle konden we met de trein naar Namba.
Dat is een wijk in Osaka die grenst aan de uitgaanswijk Dotonbori.
Het regent de hele dag al flink. Dus het komt zo langzamerhand niet meer alleen uit de lucht maar de plassen op de grond zijn ook al behoorlijk waardoor het dubbel uitkijken is.
Ondanks het weer was het gruwelijk druk in de stad. Net als wij trotseerden heul veul mensen het slechte weer.
Suus had om half zes een nek- en schoudermassage in het hotel dus voor de één de massage en voor de ander een moment om de oogjes heel even dicht te doen.
Daarna weer de stad in. Vanwege de regen zijn we meteen ondergronds gegaan. Zoals heel vaak in Japan is er rondom stations een wereld aan winkels en restaurants als je even met de roltrap naar beneden gaat.
What a difference a day makes! Zaterdag was het aan het begin van de dag nog bewolkt maar daarna trok het open. Lekker in het zonnetje het eerste tempelcomplex van deze dag bezocht. Shitennoji is één van de oudste tempels van het land en staat er al sinds 593. De pagode telt vijf verdiepingen en is het stralende middelpunt van een eeuwenoud complex wat nu is omgeven door (redelijk) moderne gebouwen. Er was ook een dienst aan de gang waar de chants van de boeddhistische priester door de ruimte galmden.

Op de weg er naartoe kwamen we langs een klein winkeltje waar de eerste schaaltjes van de vakantie zijn gekocht.
Na deze eerste tempel hadden we de smaak te pakken, van de schaaltjes trouwens ook maar daarover later meer, dus met de metro op naar Namba Yasaka Jinja. Misschien wel de bekendste tempel van Osaka vanwege de vorm van het hoofdgebouw: de leeuwenkop. Dit is een relatief kleine tempel met dat gebouw als hoogtepunt.
Rustig aan teruggelopen richting het epicentrum van Namba (het station) en na een welverdiende lunch door naar dé winkelstraat voor kookspullen.
Hier komen de schaaltjes dus weer terug. Net als stokjesonderleggerdingetjes, een nepmandarijn, sojasausgietertje en zo mis ik denk ik nog het een of ander.
Na wat sushi en takoyaki onszelf nog getrakteerd op een lekker biertje van Dotonbori brewery en eenmaal in het hotel bleek de stappenteller ontploft. Een aardig volle dag waarop we bijna twaalf uur onderweg zijn geweest.

Zondag ging om 10 voor half 7 de wekker, lang leve de vakantie! Bijkomend probleem was dat we allebei heel slecht hadden geslapen. Op de een of andere manier was de jetlag sterker dan de drukke dag van gisteren.
Een trip naar Koyasan stond er op de planning. Dit een heilige berg en een boeddhistisch kloostercomplex, gesticht door Kukai (Kobo Daishi) in 816. Het is het hoofdkwartier van het Shingon-boeddhisme. Deze wijsheid komt van internet maar we kunnen jullie er zoveel meer over vertellen
We hadden namelijk een gids, Noriko, die ons de hele dag heeft gevoed met alles wat er te weten valt over het esoterisch boeddhisme. Het was een prachtige en leerzame dag waarop we volledig zijn ondergedompeld in de verhalen over Kobo Daishi.
Een vriendin van Noriko leek ontzettend veel op Suus en die hebben we later op de dag ook ontmoet daar.
Aangezien de treinrit zo’n kleine anderhalf uur duurde hebben we Noriko wat eerder gedag gezegd dan dat ze zelf wilde. Uiteindelijk maar goed ook want we werden ook nog eens uit de trein getyft! Bleek dat het kaartje wat vooraf via internet was gekocht alleen de heenreis in de limited express voorzag. Het Japanse treinsysteem is ontzettend goed, alleen de prijsstructuur is af en toe een raadsel. Omdat de trein later vol zou komen te zitten moesten we op het eerste station uitstappen om verder te gaan in de express naar Namba. Die deed er nog zo’n twintig minuten langer over.
Daarna lekker sushi van de lopende band gegeten en net als gisteren, een biertje om af te sluiten.

Ook op maandag weer vroeg uit de veren om met de bus van Osaka naar Tokushima te gaan. Niet zo achterlijk vroeg als de vorige dagen maar sommigen zouden zeggen, ge hèt toch ok vakantie.
Met de taxi naar het busstation van Namba en vanaf daar de highway express bus naar Tokushima. Lekker comfortabele bus die ons in een dikke twee uur naar de plek van bestemming bracht.
We waren rond twaalven bij het hotel en dat was te vroeg om in te checken. In de Wanderlog app stonden twee dingen bovenaan om te doen vandaag, een tour bij een soja brouwerij en bij een sake brouwerij die er praktisch naast lag. Wel een beetje uit de richting met een half uur rijden. Vol goede moed op zoek naar een taxi die ons die kant op wilde brengen.
Maar dan blijkt het ineens toch wat lastiger om iets uit te leggen dan in de grote steden. De eerste taxichauffeur heeft een tijdje zonder succes naar het adres zitten staren. Lost in translation.
Bij het tonen van het adres op de telefoon waarschuwde Google ons dat het vandaag cultuurdag is waardoor ze misschien wel dicht zouden zijn. Terug naar de receptie van het hotel om hen te laten bellen. Ja hoor, ze waren open.
Gewapend met een geprint adres naar de taxi’s en de eerste zei gewoon kneiterhard dat ie ons niet weg bracht. Uiteindelijk vonden we er één die het hele stuk wel wilde rijden.
Ter plekke bleek dat ze wel open waren maar voor een rondleiding moest je vooraf een afspraak maken.
Bij de soja mevrouw hebben we een pak mini flesjes gekocht en bij de sake na een uitgebreide proeverij, dat deden ze gelukkig wel, twee flessen.

Vandaag de eerste dag dat we de huurauto tot onze beschikking hebben, unne mooie witte Toyota Corolla.
Het is even wennen, stoplicht aan de andere kant van de kruising, links rijden en sommige borden die je niet kunt lezen. De verkeersborden met plaatsen zijn gelukkig wel altijd leesbaar. Ook een dingetje…de ruitenwisser zit links van het stuur en de richtingaanwijzer rechts.
Vanuit Tokushima gingen we op weg naar Iya Valley en een flink aantal stops bij bezienswaardigheden waren thuis al verkend en voorbereid.
De eerste stop was bij Udatsu Townscape, een stukje historie in de stad Wakimachi. Adres in de navigatie en gaan! Ja dat had je gedacht. De navigatie van de auto stuurde ons naar een heel andere plek. Zeer waarschijnlijk omdat we het verkeerde adres hadden gebruikt maar toch geven we de schuld aan Bepke.
Dan maar via Google maps en die bracht ons naar de juiste plek. Maar ja, dan een parkeerplaats vinden. Ook dat wist Google: Botanical Parking lot een klein stukje verder. Wij erheen gereden maar niks gevonden. Nog eens terug… Zou het? Ja dat was het, een grasveldje met kuilen ter grootte van anderhalve auto. Nou dat wordt ‘m niet.
Toen Andy uitstapte om te kijken of er misschien ergens anders een plekje was, sprak hij een oude man aan die voorbij kwam.
Met hulp van de vertaalapp ontstond er een goed gesprek. De man stond eerst aanwijzingen te geven, rechtdoor, linksaf, je kent het wel, tot hij zei, ik laat het je wel zien.
Dus wij achter hem aan en verrek, door het bekende straatje en de hoek om naar een parkeerplaats. Daar kan geen technologie tegen op!
Het straatje zelf was erg mooi. Daar was het alsof de tijd had stil gestaan. Wakimachi was in het Edo tijdperk een centrum voor het verven van indigo en de thuisbasis van veel rijke handelaren. Er zijn prachtige huizen met klassieke pannendaken.
Na deze stop hadden we de smaak te pakken. Mount Tsurugi via een route door de bergen. Bepke lieten we links liggen want die wilde ons helemaal via Tokyo laten rijden dus Google werd onze metgezel. Het eerste stuk was prima te doen maar al snel werd de weg smaller. Bij elke bocht stond gelukkig wel een spiegel waarmee je nog enig zicht had op wat eraan zat te komen maar een tegenligger betekende ook vaak dat één van de twee achteruit moest om ruimte te maken.
Dit alles zorgde ervoor dat we de geplande stops over moesten slaan op de scarecrow village na want daar reden we letterlijk doorheen. Honderden vogelverschrikkers die bijna levend lijken, zijn overal in het dorp te vinden, op de velden en langs de weg, zelfs in schoollokalen en bushaltes.
Na een korte stop hier verder naar onze accommodatie voor twee nachten. De eigenaar stond ons al op te wachten en we waren net op tijd om onder het genot van een lekker drankje te genieten van de zonsondergang die we niet zagen door de bewolking.


Deze accommodatie, Kajiya Iya Romantei is een bijzondere plaats die een stukje bergop ligt en daarmee uitkijkt over het kleine dorp beneden. Het meest bijzondere echter is de gastheer, Shino san, die ons gisteren bij aankomst wist te verwelkomen met de Nederlandse vlag naast die van Japan.
Het is een smederij van oorsprong maar Shino san heeft er een gastenverblijf van gemaakt. En zeer succesvol want als je de agenda bekijkt zit hij elke dag vol.
De vlag bij ontvangst was nog maar het begin want toen we gingen eten kregen we eerst een 34 jaar oude sake. Maar we mochten niet drinken voordat we, met de rechterhand op het hart en proostend met de sake in de linker het Wilhelmus hadden beluisterd. Kampai!
Dat ritueel herhaalde zich daarna nog eens met, speciaal voor Suus, het volkslied van Indonesië met een andere sake.
Hij heeft namelijk een enorme sake-collectie en ‘sake-shrine ‘. Hij heeft een hele kamer gewijd aan meer dan 200 flessen sake uit elke prefectuur in Japan. En het beste van alles is, zolang je hem een fles brengt als donatie aan zijn collectie, kun je in ruil daarvoor de hele avond zoveel proeven als je wilt. Hupsaké!
Na een lekker ontbijt gingen we eerst naar één van de dingen die we gisteren hadden gemist door het tijdsgebrek, Oku-Iya double vine bridge. Volgens de legende werden de bruggen ongeveer 800 jaar geleden gebouwd door leden van de verslagen Heike-clan (Taira-clan) om toegang te krijgen tot hun paardrijterrein op Mt. Tsurugi. Het ontwerp met wijnstokken maakte het mogelijk om ze gemakkelijk te kappen in geval van achtervolging door de Genji-clan (dank je Google AI).

Next stop was de Oboke Gorge. Met een bootje over een rivier door een kloof. Heel erg mooi, allemaal met live commentaar van de Japanse Jeroen Grueter (je weet wel, hij praat alsof ie aan het poepen is).
Voor de nodige verlichting sloten we deze dag af met een bezoek aan een tempel. Daarvoor moesten we eerst met de kabelbaan naar boven. Heel mooi tempelcomplex met ook nog een steile trap met 233 treden.
De dag afgesloten met wederom heerlijk eten bij Shino san (met natuurlijk een glaasje of wat sake).

Donderdag, tijd om afscheid te nemen van Iya Valley en natuurlijk ook van Shino san. Dat laatste ging weer gepaard met rituelen. Andy mocht de Nederlandse vlag strijken (natuurlijk onder het spelen van het Wilhelmus) en daarna nog een foto van ons samen met de Nederlandse en de Indonesische vlag. Dit is een plek die je je voor altijd blijft herinneren.
De weg naar Kochi voerde eerst nog een stuk door de bergen en daarna over de tolweg. Rond 11 uur waren we bij Godaisan park. Een park bovenop een berg aan de rand van de stad met een tempelcomplex. Het verschil in temperatuur tussen de Iya Valley en Kochi is behoorlijk. We kwamen van een graad of 15 naar zo’n 23. T-shirt weather dus!
Na heerlijk rustig rondgekeken te hebben bij de tempel weer de auto in naar Kochi Castle. Dit is één van de twaalf kastelen die door de jaren heen gevrijwaard zijn gebleven van brand en verwoesting op andere manieren.
De steile trappen op naar de bovenste verdieping om te genieten van het uitzicht over de stad.

Bij het kasteel om de hoek zat Hirome market, een foodhall met verschillende restaurants en een centraal plein met tafels. Daar hebben we de lokale specialiteit van Kochi gegeten, de seared bonito.
Gebakken bonito, hier bekend als katsuo no tataki, is een populair gerecht dat wordt bereid door de vis snel boven een strovuur te grillen, wat resulteert in een knapperige, rokerige buitenkant. De binnenkant blijft rauw.
Op de markt ook de boodschappen gedaan voor het avondeten van vandaag, ontbijt en lunch van morgen en toen door naar onze overnachtingsplaats een klein half uur buiten Shimanto stad.
Was toch nog zo’n twee uur rijden en we waren door de eigenaar gewaarschuwd dat wanneer het donker is, de accommodatie lastiger bereikbaar zou zijn. Dat viel gelukkig mee maar het was stikdonker toen we aankwamen. Het lastige waar hij het over had is tegelijkertijd een bezienswaardigheid van Shikoku, chinkabashi.
Dit zijn bruggen die zonder zijrail zijn ontworpen om het risico te verkleinen dat de brug tijdens overstromingen wordt weggespoeld. Dus enkel een baan over het water, met ongeveer een halve meter speling aan weerszijden van de auto.
We hebben het gehaald en zitten nu in een prachtig traditioneel huis met tatami vloeren, washi papieren panelen, japanser dan dit krijg je het bijna niet.
